Dag 5: Via een toeristische route naar Chirripó National Park
Het elektrische verwarmingselement in de douchekop, wij vinden het wel bijzonder
Het elektrische verwarmingselement in de douchekop, wij vinden het wel bijzonder
Het slapen viel vannacht, vooral dankzij onze oordoppen, niet tegen. Zonder oordoppen hadden we waarschijnlijk geen oog dicht gedaan. Nadat we rond 7.00 uur zijn opgestaan maken we kennis met wat een typisch Costaricaanse warme douche schijnt te zijn. Een elektrisch verwarmingselement in / net boven de douchekop. Je moet de kraan niet te ver open draaien, anders heeft het water niet genoeg tijd om warm te worden. Maar als je door hebt hoe het werkt, werkt het prima. Na het douchen eten we een prima ontbijtje, vers stokbrood met jam of gebakken ei, koffie en jus.

Na het ontbijt lopen we even de stad in, we willen bij de ruïne van de oude kathedraal en in de nieuwe kathedraal kijken en geld pinnen. Vooral dat geld pinnen kost nogal wat moeite, pas bij de vijfde bank, een Banco Nacional de Costa Rica, wil de geldautomaat ons geld geven. We trekken er meteen ¢ 500.000 uit zodat we de komende dagen vooruit kunnen.

Aan de ruïne van de oude kathedraal is niet zo veel te zien. Er is nu een leuk tuintje / parkje binnen de muren waar ooit kerkbanken stonden. De nieuwe kathedraal kunnen we in, maar er is een dienst, dus doen we dat maar even niet. We kunnen wel zien dat de kathedraal van binnen erg mooi met hout is afgewerkt. Naast de kathedraal is een soort grot waar ooit een Maria beeld of zoiets gevonden zou zijn en nu is het een soort kleine versie van Lourdes.

De 'binnenkant' van de oude kathadraal in Cartago
De "binnenkant" van de oude kathadraal in Cartago

Om even na 9.15 uur zijn we weer terug op onze hotelkamer. Daar is ons bed inmiddels al verschoond en hangen ook al nieuwe handdoeken. Wij pakken onze spullen en vertrekken richting onze auto. Daar staat inderdaad weer een ander mannetje op wacht en hij krijgt ¢ 400 voor bewezen diensten.

Tegen 9.45 uur gaan we op weg. We willen een stuk van wat volgens ons boek "The route of the Saints" heet, rijden. Het eerste stuk willen echter de Pan-American Highway volgen omdat we dan het leukste stuk van deze highway zouden zien. Al met al rijden we een hele aardige route, vooral het stuk waar we zelf de weg moeten zoeken om van de Pan-American Highway op The route of the Saints te komen vinden we erg leuk. De wegen zijn over het algemeen niet slechter dan wat we inmiddels in Mexico gewend zijn. Alleen het laatste stukje, van Sante Maria de Dota tot we weer op de Pan-American Highway zijn, is onverhard, maar verder ook prima te doen.

De The route of the Saints' leidt ons door dit soort omgevingen
De "The route of the Saints" leidt ons door dit soort omgevingen

Na dit toeristische autoritje vinden we het tijd om een stukje te wandelen. Daarvoor rijden we naar Lyök Amí Lodge. Als we daar aankomen ziet alles er een beetje verlopen uit. Maar we zetten door, we zeggen even hallo tegen een man die er rondloopt en wandelen eerst richting een riviertje en daarna naar een waterval. Al met al zijn we ongeveer vijf kwartier op stap. Je zou in dit gebied ook quetzals moeten kunnen zien, maar wij zien ze helaas niet, we zien hier trouwens sowieso vrijwel geen vogels. Terug bij de auto is er een kleine verrassing, of we per persoon ¢ 1.500 willen betalen voor het onderhoud van de paden. Nou, vooruit dan maar, maar het was wel netter geweest als je van te voren had gezegd dat dit geld kostte.

Inmiddels is het 14.00 uur geweest en willen we wel wat eten. Hiervoor rijden we iets terug, naar een ander park, Albergue Mirador de Quetzales, waar je heel eenvoudig quetzals zou moeten kunnen zien. Je zou daar ook moeten kunnen eten. Dat eten, dat kan wel, maar dat is dan meteen een soort diner en dat van die quetzals, dat hebben we niet geprobeerd. We zien wel een paar mensen met spullen die je wel vaker bij fanatieke vogelaars ziet, dus dat van die quetzals zit vast wel goed. Je kunt hier trouwens ook slapen en dat ziet er best geinig uit.

Onze eerste echte onverharde weg, er zouden er nog (heel) veel volgen
Onze eerste echte onverharde weg, er zouden er nog (heel) veel volgen

Wij keren echter om en rijden de onverharde weg weer af richting de Pan-American Highway. Op naar San Isidro de El General om te kijken of we daar kunnen lunchen. Maar zover komen we niet, in Ojo de Aqua komen we namelijk langs een wegrestaurant waar wij prima kunnen lunchen. Kijk dat klinkt toch wel aardig, lunchen in een wegrestaurant langs de Pan-Amercian Highway.

Na deze late lunch rijden we verder tot we in San Isidro de El General komen. Daar willen we linksaf richting Chirripó National Park. Wij zien echter geen borden of iets dergelijks, maar dankzij onze gps rijden we toch min of meer goed. Ons einddoel is San Gerardo de Rivas een klein bergdorpje net buiten Chirripó National Park. De laatste 10 kilometer naar dit dorp is de weg onverhard, we beginnen er aan te wennen.

We komen om 16.25 uur aan in San Gerardo de Rivas, dus we hebben nog net vijf minuten voordat het informatiecentrum van Chirripó National Park dicht gaat. Dat is mooi want zo kunnen we nog net even vragen of we morgen eventueel aan de tweedaagse wandeling naar de top van de Chirripó kunnen beginnen. Dit kan / mag namelijk alleen als de hut iets onder de top plaats voor ons is. En wat blijkt, er is nog plek. Mooi, dan zullen we er nog eens goed over nadenken of we dit echt willen.

Na dit goede bericht gaan we naar Hotel de Montaña El Pelicano. Daar krijgen we voor ¢ 8.000 per persoon een kamer zonder toilet en douche, die zitten op een centrale plek. Na nog wat overleg besluiten we morgen de Chirripó op te gaan. Nu moeten we op zoek naar een winkel voor eten voor twee dagen. Die winkel vinden lukt en met veel pijn en moeite lukt het ook om eten etc. voor de komende twee dagen te kopen. Nu maar hopen dat het allemaal een beetje smaakt.

Hotel de Montaña El Pelicano, het restaurant zit in de open ruimte onder de kamers
Hotel de Montaña El Pelicano, het restaurant zit in de open ruimte onder de kamers

Terug bij het hotel brengen we onze spullen naar onze kamer, inmiddels is het bijna donker en dus ongeveer 18.00 uur. We gaan nu eerst maar eten. Het eten in het hotel is eenvoudig, maar verder prima. Na het eten laten we ons door het personeel van het hotel nog even uitgebreid informeren over de faciliteiten die we de komende twee dagen mogen verwachten en bestellen we voor morgenochtend niet alleen een ontbijt om 6.00 uur, maar ook wat extra belegde boterhammen, ¢ 2.000 per stuk, voor onderweg.

Tegen 20.30 uur gaan we terug naar onze kamer om onze spullen voor morgen te pakken. Of eigenlijk juist zo veel mogelijk niet te pakken zodat dat lekker in de auto kan blijven. Tegen 22.00 uur liggen we in bed en dit is niet alleen de vroegste avond tot nog toe, maar het is ook de eerste avond dat we geen tv kijken voordat we naar bed gaan.