Wandelen in en rond Peking, Shidu
We hadden hier en daar iets over Shidu (Shídù / 十渡) gelezen en gehoord. Er zou er erg toeristisch en mooi zijn. Op diverse plaatsen wordt het het Guilin (Guìlín / 桂林) van Peking genoemd. Maar ja, als je niet weet wat, waar, wie, hoe Guilin is, zegt dat natuurlijk niets. Ondanks dat het erg toeristisch schijnt te zijn en je er met de trein kunt komen vinden we in zowel de Lonely Planet als in de Rough Guide van China niets over Shidu. In de Lonely Planet van Peking staat een heel klein stukje over Shidu maar niets over wat je er zoal zou kunnen doen.
Gelukkig kijken we deze keer voordat we gaan op internet en daar vinden we de beschrijving van een wandeling die we uitprinten en meenemen. En dat is maar goed ook want anders was het maar de vraag of dit uitstapje een succes was geworden.

Dit is inmiddels de derde keer dat we in dit gebied iets gaan doen waardoor we de weg een beetje weten. De heenweg verloopt dan ook vlekkeloos en duurt ongeveer twee uur. Onderweg stoppen we nog een keer bij een meertje waar we allemaal vlotjes met bruidsparen zien. We hebben geen idee wat ze daar aan het doen zijn, maar het ziet er wel grappig uit.
Verder zien we nog wat borden over wegwerkzaamheden maar daar snappen we niets van en dus rijden we maar door. En inderdaad in Shidu ligt de doorgaande weg open, maar overdag mag je er wel door, dus geen probleem.

Romantisch toch, zo met zijn tweeën op zo'n vlotje
Romantisch toch, zo met zijn tweeën op zo'n vlotje

Wat echter nogal tegenvalt, is dat we de rivier wel zien, de bergen ook zien, er meer dan voldoende restaurants te zien zijn, maar we eigenlijk heel weinig mensen zien en nergens iets zien dat wijst op iets van activiteiten die je kunt doen. We vermoeden dat dit vooral komt omdat het seizoen nog niet echt begonnen is en we op een doordeweekse dag zijn. Want zelfs op de platforms voor het bungeejumpen zien we niemand.
Maar we hebben onze wandelroute dus rijden we maar naar het beschreven beginpunt. Staat op onze print dat alles in Shidu geld kost behalve het wandelen, inmiddels kost ook het wandelen geld. Er is een soort park met een paar pagodes en wat betonnen paadjes. Op goed geluk gaan we er naar binnen en kopen we kaartjes. De kaartjes verkoper heeft een heel verhaal waar we niets van snappen. Maar wat we wel snappen is dat hij ons per persoon twee exact dezelfde kaartjes verkoopt (20 RMB per stuk). Wij vermoeden dat er één kaartje is voor het park en één kaartje voor iets anders. Jammer alleen dat we dat andere nooit zien en achteraf voelen we ons dus wel een beetje genept. Maar we hebben wel een geweldige middag gehad.

Het is inmiddels tegen 13.00 uur en we willen eigenlijk wel lunchen. Dus lopen we naar een pagootje op een heuvel waar we onze boterhammen op eten. Na de lunch lopen we over een betonnen pad verder het park in. Het ziet er allemaal erg nieuw uit.
Na een klein half uurtje komen we bij een boeddhabeeld (volgens de borden Guanyin). Hier wordt veel duidelijk. Langs het pad waar we op liepen, loopt namelijk al een hele tijd een soort goot. Maar deze goot staat volledig droog en hij lijkt ook niet echt gemaakt voor de afvoer van regenwater.
Bij dit boeddhabeeld wordt het duidelijk. Hier zit een put die waarschijnlijk dienst gaat doen als bron (nadat men de kraan heeft opengezet). Het water loopt dat via een soort delta naar het begin van de goot. Als het helemaal klaar is en de kraan staat aan ziet het er allemaal waarschijnlijk erg leuk uit.

Herbert probeert Guanyin te imiteren, en Gabrielle . . .
Herbert probeert Guanyin te imiteren, en Gabrielle . . .

Vanaf dit beeld wordt het pad leuker, het is namelijk minder aangelegd. En een eindje verderop komen we bij een grot waar het pad lijkt op te houden. Maar aan de rechterkant blijk je er toch omhoog te kunnen en boven loopt het pad nog een stukje verder. Dan houdt het aangelegde pad echt op en moeten we redelijk serieus aan het klimmen en padzoeken. Al met al hebben we al een aardig stuk gelopen en lijkt het erop dat we de piek die we de hele middag al zien wel kunnen halen, dus dat wordt ons doel.
Na een kwartiertje houdt Gabrielle het voor gezien. Zonder haar bergenschoenen en stok ziet ze het niet zitten en besluit ze te wachten. Jacob, Janine en Herbert lopen verder. Het pad wordt steeds lastiger al komen ze er op de terugweg achter dat je beter aan de linkerkant omhoog kunt gaan dan aan de rechterkant zoals zij hebben gedaan. Aan de linkerkant loopt een soort pad, als je goed kijkt.

Het is niet zo helder, maar toch is het uitzicht heel aardig
Het is niet zo helder, maar toch is het uitzicht heel aardig

Het laatste half uur richting de top is het betere padzoeken, klimmen en klauteren. Maar iedere keer als we weer denken niet verder te kunnen blijkt er ergens een gaatje te zijn waar we toch doorkunnen. Totdat het tegen 15.00 uur loopt, de afgesproken tijd om terug te gaan. We zijn niet ver meer van de top maar zitten min om meer opgesloten tussen de struiken en weten eigenlijk niet goed hoe verder te gaan. Dus besluiten we maar terug te gaan.
Janine ziet iets verderop echter een soort gat in de bergkam en wil daar even gaan kijken, wat ze dus ook doet. Vervolgens merkt Herbert op dat als je recht omhoog gaat het er op lijkt dat je na een paar meter boven op de bergkam staat. Dat laat Jacob zich geen twee keer zeggen en een minuutje later staat hij bovenop de bergkam naar Janine te zwaaien die iets lager op dezelfde bergkam staat.

Op de plek waar Jacob staat loopt echter ook een pad naar de top van de bergkam, en dat is nog maar een klein stukje. Dus loopt hij toch naar de top om daar enkele foto's te nemen. Herbert volgt Jacob tot halverwege en dan breken en enkele spannende momenten aan. Herbert roept naar Janine maar die reageert niet. En wat Herbert en Jacob ook roepen het duurt lang, naar hun gevoel veel te lang, voordat Janine reageert. Maar gelukkig niets aan de hand, ze is gewoon aan de terugweg begonnen. Opgelucht gaan ook Jacob en Herbert terug om vervolgens met z'n drieën terug te lopen naar Gabrielle.

Als je het pad weet te vinden kan je bij de rode pijl komen
Als je het pad weet te vinden kan je bij de rode pijl komen

Jacob heeft vanaf het punt waar hij stond, in het dal aan de andere kant minstens één pad gezien. Janine denkt aan de andere kant van de berg zelfs iets van een pad naar beneden te hebben gezien. Dus misschien kan je wel een rondje lopen. Nu is het echter te laat om dat te proberen en verder kan dat natuurlijk niet zonder Gabrielle, maar wie weet wat we een volgende keer nog eens proberen.

Tegen 16.30 uur zijn we weer bij de auto. Het was een mooie wandeling, en wat nu. Tja niemand heeft echt een idee dus rijden we wat heen en weer en vertrekken we uiteindelijk gewoon richting huis. De terugreis verloopt weer vlekkeloos al komen we nog wel in een flinke file terecht met deze keer weer hele mooie taferelen. Men ging niet met drie auto's naast elkaar over twee rijbanen rijden, nee er was een betere oplossing. Langs de linker rijbaan ligt een grasstrook van een meter of vier breed en daar kan je dus prima rijden. Jammer alleen dat een stukje verderop de vangrail wel tot aan het asfalt loopt en je dus niet verder kunt over het gras. Ander zou dit een goede manier zijn geweest om langs de wegwerkzaamheden te komen die de file veroorzaakt. Maar wellicht is dit een idee voor Nederland, een soort natuurlijke spitsstrook die in gebruik kan worden genomen als het verkeer op de snelweg langzamer dan 40 km per uur rijdt.

Voor meer foto's van deze wandeling kijk je in dit fotoalbum met 25 foto's van deze wandeling, dat is inclusief de bovenstaande foto's.