Dag 2: Bezoek aan Cangyan Shan, aankomst in Pingyao
Zoals afgesproken zitten we om 8.30 uur aan het ontbijt. Dit is een behoorlijk Chinees ontbijt. Gelukkig zijn er nog wel een paar sneedjes witbrood en wat jam te krijgen zodat iedereen toch met een gevulde maag zijn koffer gaat pakken. Nadat we alles in de auto hebben geladen gaan we een bakkie doen bij de SPR Coffee die we gisteren vlak bij ons hotel gezien hebben. Hierbij ervaren we meteen de enorme drukte rond het People's Square op 1 oktober. Ook pakken we nog even een optreden van de lokale nachtegaal en de lokale volksdansgroep mee.

Het uitzicht boven op Cangyan Shan
Het uitzicht boven op Cangyan Shan

Deze tempel zorgt voor de bekendheid van Cangyan Shan. Hierbij gaat het meer om de constructie dan om de tempel zelf.
Deze tempel zorgt voor de bekendheid van Cangyan Shan. Hierbij gaat het meer om de constructie dan om de tempel zelf.
Na de koffie storten we ons in het verkeer, wat een drama. We doen er 45 minuten over om de dichtstbij zijnde oprit naar de snelweg te bereiken. Alles staat behoorlijk vast. Bij de eerste benzinepomp langs de snelweg gaan we tanken en daar worden we prettig verrast. Er staan een paar extra mannetjes die, onder het tanken, de voorruit van onze auto wassen en dat was wel nodig ook.

Vervolgens rijden we verder naar Cangyan Shan. Deze heilige berg ligt ongeveer 19 kilometer van de snelweg Shijaozhuang - Taiyuan. De weg er naar toe loopt vanaf de snelweg langs een rivier en door de bergen. Dit is een erg mooie route. Onderweg zien we nog wat (bruine) borden van andere tempels, bergen en dorpen die we zouden kunnen bezoeken. Maar ja, ook op vakantie moet je keuzes maken dus laten we deze kansen allemaal links (of rechts) liggen.

Cangyan Shan (Cāngyán Shān / 苍岩山) (50 RMB per persoon) is bekend omdat het oud (van rond het jaar 600) is en omdat één van de tempels op een brug over een bergkloof is gebouwd. Naast deze hoofdattractie zijn er op diverse plaatsen op deze berg, net als op alle andere heilige bergen, tempel(tje)s en kloosters te vinden. Er is ook een kabelbaan die je naar boven brengt, maar die wordt ondanks dat het redelijk druk is weinig gebruikt. Dit heeft waarschijnlijk te maken met het feit dat wanneer je de kabelbaan neemt je nog steeds een flink eind moet lopen voordat je bij de tempel op de brug of bij een van de grote kloosters bent.
Tot slot is er ook nog een echte tijgergrot. Alleen Jacob brengt een bezoek aan deze attractie. Hij is de enige die denkt dat het de moeite van de extra klim waard is, en dat is het zeker niet. Bij de ingang staan twee Chinezen waar Jacob voor 2 RMB een zaklamp huurt. Deze voorkomt echter niet dat hij zijn hoofd stoot. In de grot (lengte hooguit 20 meter) ligt een tijger en wat rommel. Er is dus niets te zien wat de moeite waard is. Maar ja, die Chinezen buiten hebben er wel een mooi handeltje van gemaakt.

Even na 15.30 uur zijn we weer bij de auto waar we nog een paar appels kopen. Het appelvrouwtje wil ons graag zo veel mogelijk appels verkopen, maar wij willen er naar vier en uiteindelijk worden dat er toch zes. Maar als Jacob niet met veel (vriendelijk) geduw en getrek vier appels terug had gelegd in haar mand waren het er tien geweest.
Links de trap omhoog, rechts het pad naar beneden. We lopen een behoorlijk stuk over dit soort paadjes. Samen met het uitzicht is dit wat ons betreft leuker dan de tempels die er te zien zijn. Maar dat komt misschine ook omdat we maar enkele van de vele t Links de trap omhoog, rechts het pad naar beneden. We lopen een behoorlijk stuk over dit soort paadjes. Samen met het uitzicht is dit wat ons betreft leuker dan de tempels die er te zien zijn. Maar dat komt misschine ook omdat we maar enkele van de vele t
Links de trap omhoog, rechts het pad naar beneden. We lopen een behoorlijk stuk over dit soort paadjes. Samen met het uitzicht is dit wat ons betreft leuker dan de tempels die er te zien zijn. Maar dat komt misschine ook omdat we maar enkele van de vele tempels die hier staan gezien hebben.
\
Hierna vertrekken we richting Pingyao. Op de weg terug naar de snelweg stoppen we nog een paar keer om wat foto's te maken. Op de snelweg schiet het in het begin niet zo op.

Het eerste deel van de snelweg loopt door de bergen en heeft hier en daar behoorlijk scherpe bochten (die je beter niet met meer dan 100 km per uur kunt nemen). Verder zorgt dit voor vrachtwagens die met 25 kilometer per uur een nog langzamere rijdende vrachtwagen inhalen. Wanneer we een stukje verderop ook nog een vrachtwagen (rechts) inhalen die met een gangetje van 30 km per uur links rijdt, dan weten we weer waarom je op een Chinese snelweg altijd moet opletten.
Wanneer we in de buurt van Taiyuan (Tàiyuán / 太原) komen wordt het allemaal beter en kunnen we lekker doorrijden. Desondanks is het bijna 19.00 uur (en dus helemaal donker) als we van de snelweg afkomen. Maar gelukkig hoeven we hier onze weg niet te zoeken.

Van het hotel heeft men gebeld en iemand komt ons bij de tolpoort ophalen. Dat is niet alleen handig voor het vinden van de juiste weg, maar ook voor het binnenkomen van Pingyao (Píngyáo / 平遥). Ons hotel ligt in de oude stadsmuur en wat er precies aan de hand is weten we niet, maar bij de poort moeten de Chinezen uit de auto voor ons behoorlijk praten, wijzen en gebaren voordat we door de poort naar binnen mogen.
De straatjes in binnen de oude stadsmuren van Pingyao zijn erg smal en we zijn erg blij dat we hier niet hoeven te zoeken.

Even voor 19.30 uur parkeren we op de binnenplaats van ons hotel, het Yide hotel (Yīde Kèzhàn / 一得客栈). Wij zijn erg enthousiast over dit hotel. Het is niet duur, wij betalen, in de eerste week van oktober, 1.700 RMB voor vier personen (twee kamers) voor twee nachten. Dit moet overigens wel contant. Het hotel heeft erg veel oude details. Zowel qua bouw als qua inrichting lijkt het behoorlijk op een "museum" dat we morgen zullen bezoeken. Verder spreken de mensen prima Engels, is alles keurig verzorgd en kan je in het restaurant prima eten en heel behoorlijk koffie drinken.

Onze hotelkamer waar het bed meer dan de helft van de oppervlakte in beslag neemt
Onze hotelkamer waar het bed meer dan de helft van de oppervlakte in beslag neemt

Ons bed is een zogemaande kang (een bed waar je als je het koud hebt vuur onder kunt stoken) en op de vloer liggen geen tegels, maar de originele stenen. Hiermee komen we ook meteen bij een mogelijk nadeel. Volgens ons zou het hier in de winter wel eens koud kunnen zijn. Overigens moet je volgens ons sowieso niet in de winter naar Pingyao. Gezien de hoeveelheid kolen die men er nu nog stookt zou de lucht in de winter wel eens erg onprettig kunnen zijn.

Nadat we onze spullen naar onze kamers hebben gebracht gaan we wat eten in het restaurant van het hotel. De rest van de avond vullen we met eten, drinken, foto's kijken en naar bed gaan.