Dag 1: De Mogao Cave, Echoing Sand Mountain en het Crescent Moon Lake in Dunhuang
Gisteren hadden we om 17.25 uur het vliegtuig uit Peking. De vlucht ging via Lanzhou (Lánzhōu / 兰州), maar we vlogen wel door met hetzelfde vliegtuig. Hierdoor moesten we er wel even uit, maar mochten we eventueel zelfs ons spullen laten liggen.

Even na 22.30 uur zijn we in het hotel (Guangyuan Hotel / Guāngyuán Dàjiǔdiàn / 光源大酒店) in Dunhuang (Dūnhuáng / 敦煌). Het is een heerlijk temperatuurtje buiten, voor overdag, dit lijkt ons een aardig voorteken van wat ons te wachten staat.
Onderweg naar ons hotel en ook bij de receptie van ons hotel is onze taxichauffeur erg hulpvaardig. Het is ook duidelijk waar hij op uit is, hij wil ons graag één of twee dagen rondrijden. We hebben nog niets geregeld en willen eigenlijk morgen wel op tijd op stap. Verder heeft hij een kaart van de omgeving met de belangrijkste attracties erop.
Alles overziend spreken we af dat hij voor 500 RMB ons twee dagen mag rondrijden. Als we tevreden zijn krijgt hij 30 RMB extra. Hij is nu al blij en zal morgen om 8.00 uur voor het hotel staan.

Onze hotel kamers (280 RMB per nacht) zijn echt enorm of eigenlijk zijn het gewoon en suite kamers. Jammer alleen dat de grootste kamers (die wij dus hebben) ook het dichtst bij de lift en de weg zitten, hierdoor horen we 's nachts van alles en nog wat. Verder zijn de bedden echt van beton, gelukkig hebben we onze campingmatjes bij ons. De ouders van Gabrielle zijn na twee nachten echter behoorlijk beurs.

Vanochtend staan we om iets voor 7.00 uur op. In tegenstelling tot onze vorige vakantie in Yunnan hebben we deze keer bezoek mee dat langzamer is dan wij en dus moeten we, helaas, eerder op zodat we toch samen kunnen ontbijten. Voordat we om 8.00 uur in de taxi stappen doen we nog even boodschappen in de winkel pal naast het hotel, we slaan met name ruim drinken in, het zal wel warm worden vandaag.

We gaan naar de Mogao Grotten (Mògāo Qiānfódòng / 莫高千佛洞). Deze liggen een klein half uurtje rijden ten zuid-westen van Dunhuang. De weg hier naar toe loopt eerst door de stad en daarna meteen door de woestijn. Als we bij het loket aankomen, kopen we niet alleen kaartjes, maar leveren ook onze rugzakken en fototoestellen in, want die mogen niet mee. De kaartjes kosten 160 RMB per stuk en voor buitenlanders 20 RMB extra voor de Engels sprekende gids.
Echter die gids is niet bij het loket waar wij zijn, daarvoor moeten we bij de hoofdingang zijn. Daar blijkt dat we moeten wachten omdat er nog een andere groep buitenlanders aankomt en we samen met hen een gids krijgen. Die andere buitenlanders blijken een stuk of 60 Spanjaarden te zijn, dat ziet er goed uit. Gelukkig wordt de groep gesplitst en dus gaan wij met een stuk of 15 Spanjaarden en een gids op stap. Achteraf lezen we ergens dat je altijd in groepen van 20 - 25 personen een gids krijgt, dus misschien moeten we wel blij zijn dat er nog meer buitenlanders aankwamen anders hadden we misschien nog veel langer moeten wachten.
Onze gids is wat je mag verwachten van een Chinese gids, weet veel feitjes, maar vragen, dat mag wel, maar liever niet.

foto, alleen zichtbaar met javascript aan


Even na 9.15 uur gaan we eindelijk op pad. We krijgen in een dik uur tijd negen of tien (we zijn vergeten te tellen) van de enkele honderden grotten te zien. Wat ons opvalt is dat er grote verschillen zijn in tussen de grotten die we te zien krijgen. Enkele hebben alleen schilderingen en andere hebben ook (grote) beelden. Dit maakt het erg geinig. Verder vertelt de gids allerlei dingen die voor mensen met meer verstand van het boeddhisme ongetwijfeld interessant zijn, maar bij ons vooral het ene oor in en het andere oor uit gaan. Wanneer de gids uitgepraat is brengt ze ons zoals het hoort naar de souvenirwinkel waar je tekeningen etc. van de afbeeldingen die je in de grotten hebt gezien kunt kopen.

Wij zijn snel klaar met deze winkel en hebben onderweg onze fototoestellen en rugzakken opgehaald en gaan nog even terug naar de hoofdingang voor een paar foto's. Vervolgens gaan we naar het museum dat eigenlijk gewoon helemaal niets voorstelt. Wat echter wel aardig is dat ze hier enkele grotten hebben nagebouwd / getekend wat ons de kans geeft om enkele (illegale) foto's te maken.
Tegen 13.00 uur hebben we het allemaal helemaal gezien en lopen we naar het restaurant bij de parkeerplaats waar we wat eten. Het eten is redelijk maar zeker niet het beste wat we in China hebben gehad.

Na het eten gaan we naar de parkeerplaat waar onze chauffeur netjes staat te wachten. We vinden het warm en de meesten zijn moe na een slechte nachtrust, een jetlag en van de warmte. Dus besluiten we om terug te gaan naar het hotel om even een dutje te doen.
Maar voor het zover is stoppen we nog even bij het nieuwe station van Dunhuang om treinkaartjes te kopen voor overmorgen. Het is een enorm groot en netjes uitziend station met voor mensen die Chinees lezen heldere borden. Gelukkig komen en gaan hier maar vier treinen per dag dus ook wij begrijpen wat er aan de hand is en redelijk eenvoudig kopen wij vier kaartjes voor de K592 van overmorgen naar Jiayuguan van 54 RMB per stuk.

Het nieuwe treinstation van Dunhuang
Het nieuwe treinstation van Dunhuang

Om 17.00 uur staat onze chauffeur weer voor het hotel en die brengt ons naar de Echoing Sand Mountain (Míngshā Shān / 明沙山) en het Crescent Moon Lake (Yuèyáquá / 月牙泉). Dat is dus vlakbij en je kunt het makkelijk fietsen en als je veel zin hebt zelfs wel lopen. Zeker omdat we niet bij de ingang maar een paar honderd meter ervoor stoppen. Hier staan een paar vrouwtjes die ons graag mooie oranje overtrekken voor onze schoenen verhuren (10 RMB per paar) die er voor moeten zorgen dat we geen zand in onze schoenen krijgen. Ook kan je hier een monddoekje kopen tegen het zand. Omdat het inmiddels flink waait en het bij de zandduinen dus flink stuift vinden we dit voor 1 RMB per stuk wel een redelijke deal.

We lopen op onze overtrekken naar de ingang waar we kaartjes (120 RMB per stuk) kopen. Binnen zien we enorm veel kamelen en veel zand, heel veel zand. Dit hebben we in Xinjiang ook wel gezien, maar de hopen zand zijn hier veel hoger, het zijn hier meer bergen dan duinen.
Tja wat nu, we kunnen een ritje op een kameel maken, maar het is niet helemaal helder hoe en wat dus besluiten we maar met een golfkarretje richting het Crescent Moon Lake te gaan. Dit kost 10 RMB per persoon en brengt ons uiteraard niet bij het meer. Het laatste stukje moeten we lopen.

De omgeving rond het Crescent Moon Lake
De omgeving rond het Crescent Moon Lake, klik hier voor een grotere versie

Lopen is ondanks dat het inmiddels tegen 18.00 uur loopt een warme aangelegenheid. Verder begint het steeds harder te waaien en als je op de verkeerde plek staat, wordt je volledig gezandstraald.
We lopen een rondje rond het meer en genieten van de omgeving. Toch wel bijzonder zo'n meertje tussen al die hopen zand. Verder kan je hier ook sleetje rijden, niet in de sneeuw maar gewoon van de zandberg af.

Ondanks al het zandstralen en de hitte besluit Jacob toch een heuvel te beklimmen. Dit is wel een behoorlijke inspanning, maar naar beneden gaat dankzij het losse zand als een speer. Verder is het erg aardig om te zien hoe het zand over de top van een heuvel wordt geblazen, bovenop zo'n heuvel zou je prima een zandstraal bedrijfje kunnen beginnen.

foto, alleen zichtbaar met javascript aan


Even na 19.00 uur gaan we weer terug naar het hotel. Onderweg stopt onze chauffeur nog bij iets waarvan wij niet precies weten wat het is. Maar de ervaring heeft ons geleerd dat wanneer je chauffeur zegt dat er iets te zien is, je als je een beetje puf hebt beter maar kunt gaan kijken, en dat doen wij dus ook. Wij blijken bij het Leiyin klooster (Léiyīn Sì / 雷音寺) te zijn. Als gebouw is dit niet bijzonder, of eigenlijk nog minder, het is allemaal slecht onderhouden. Maar als klooster is het wel interessant. Het is gratis en er zijn monniken bezig met iets van een gebedsdienst. Hierdoor geeft het geheel een erg authentiek gevoel en dat is ook wel eens anders wanneer je in China in een klooster gaat kijken.

Wanneer we bij ons hotel komen gaan we eerst douchen. Al dat zand vind je echt overal. Vervolgens gaan we eten bij John's information service & café on the silk road and in Tibet. Toch handig zo'n hotel dat op minder dan 100 meter van alle backpakkers cafés van Dunhuang ligt.

Het Leiyin klooster in Dunhuang
Het Leiyin klooster in Dunhuang

We eten hier prima voor bijna 150 RMB. Na het eten gaat Jacob nog even naar de overkant om daar ergens onze e-mail te checken. Voor het eerst sinds lange tijd hebben we in China een hotel dat geen internet op de kamers heeft. Daar merkt hij ook dat de nieuwe MobileMe website van Apple een (zeer) groot nadeel heeft, dat ding doet het niet in Internet Explorer. Gelukkig wil de eigenaar van het café waar hij zit hem helpen met het installeren van Firefox waardoor Jacob vijf minuten later zijn e-mail wil checken. Dat is maar goed ook want de notaris heeft stukken gestuurd voor de overdracht van ons huis en daar mankeert nog wel wat aan.
Nadat Jacob de stukken op een USB stick heeft gezet en 6 RMB heeft betaald gaat hij terug naar het hotel waar de rest al bijna op 1 oor ligt. Hij moet nog even werken zodat hij morgen een reactie naar de notaris kan sturen.